© 2026 Rentokil Initial plc is onderworpen aan de Belgische wetgeving. Alle rechten voorbehouden. Wettelijke vermeldingen.
In België komen verschillende soorten wespen, hoornaars, bijen en hommels voor. Sommige soorten, zoals de gewone wesp, de Europese hoornaar en de Aziatische hoornaar, kunnen voor overlast zorgen wanneer ze dichtbij mensen nestelen. Bijen, hommels en solitaire bijen zijn daarentegen belangrijke bestuivers die een essentiële rol spelen in de natuur. Een correcte soortherkenning helpt om de juiste maatregelen te nemen en nuttige insecten te beschermen.
In België komen veel soorten wespen, bijen en hommels voor. De meeste daarvan zijn nuttige insecten en spelen een belangrijke rol in de natuur. Bijen en hommels zijn belangrijke bestuivers, terwijl wespen en hoornaars helpen bij het reguleren van andere insecten.
Toch kunnen sommige soorten voor overlast of risico’s zorgen wanneer ze een nest bouwen in de buurt van woningen, terrassen, bedrijven, scholen of horecazaken. Vooral sociale wespen en hoornaars kunnen defensief reageren wanneer hun nest wordt verstoord.
Een correcte herkenning is belangrijk. Wespen, hoornaars, honingbijen, hommels en solitaire bijen verschillen sterk in gedrag, nestbouw en risico. De juiste aanpak hangt dus af van de soort waarmee u te maken hebt.
Wespen en hoornaars hebben meestal een gladder lichaam, een duidelijke wespentaille en opvallende geel-zwarte of roodbruine tekening. Ze voeden hun larven vaak met insecten en kunnen in de nazomer aangetrokken worden door zoete voedingsmiddelen.
Bijen en hommels zijn meestal sterker behaard en verzamelen vooral nectar en stuifmeel. Ze zijn belangrijk voor de bestuiving van planten. Honingbijen leven in grote kolonies, terwijl veel wilde bijen solitair leven.
Hoornaars zijn eigenlijk grote wespen. In België komen onder meer de Europese hoornaar en de invasieve Aziatische hoornaar voor. Die laatste krijgt extra aandacht omdat ze een bedreiging kan vormen voor honingbijen en andere bestuivende insecten.
De gewone wesp is een van de meest voorkomende wespensoorten in België. Ze wordt vaak gezien in tuinen, rond terrassen en bij afval of zoete voedingsmiddelen.
De gewone wesp heeft een geel-zwart getekend lichaam met een duidelijke wespentaille. De tekening op kop en achterlijf kan helpen bij soortherkenning, maar lijkt sterk op die van andere sociale wespen.
Jonge koninginnen overwinteren op beschutte plaatsen. In het voorjaar worden ze actief en beginnen ze een nieuw nest. De eerste larven ontwikkelen zich tot werksters, die later het nest verder uitbouwen en voedsel verzamelen.
In de zomer groeit de kolonie sterk. Tegen het einde van de zomer en in de herfst worden nieuwe koninginnen en mannetjes geproduceerd. Na de paring sterven de oude koningin, werksters en mannetjes meestal af. Alleen jonge bevruchte koninginnen overwinteren.
Gewone wespen bouwen papieren nesten van fijngekauwd houtmateriaal. Nesten kunnen voorkomen in de grond, in spouwmuren, onder dakranden, op zolders of in andere beschutte holtes.
Ze vangen insecten om hun larven te voeden en worden later in het seizoen vaak aangetrokken door zoete dranken, fruit, gebak en afval. Ze kunnen herhaaldelijk steken, vooral wanneer het nest wordt verstoord.
De Europese hoornaar is de grootste inheemse wespensoort in België. Ondanks haar indrukwekkende formaat is ze doorgaans minder agressief dan vaak wordt gedacht, zolang het nest met rust wordt gelaten.
De Europese hoornaar is duidelijk groter dan een gewone wesp. Werksters zijn meestal ongeveer 18 tot 25 mm lang; koninginnen kunnen tot ongeveer 35 mm lang worden. Ze heeft een roodbruine kop en borststuk, geel met bruin getekend achterlijf en roodachtig getinte vleugels.
In het voorjaar start een overwinterde koningin een nieuw nest. De eerste werksters verschijnen later in het seizoen en nemen de nestbouw en voedselvoorziening over. In de nazomer ontstaan nieuwe koninginnen en mannetjes. De kolonie sterft meestal af in het najaar; alleen jonge bevruchte koninginnen overwinteren.
Europese hoornaars bouwen hun nest op beschutte plaatsen, zoals holle bomen, zolders, schuren, spouwmuren of andere holtes. Het nest bestaat uit papierachtig materiaal.
Ze jagen op insecten en voeden zich ook met plantensappen en suikerrijke bronnen. Ze zijn vooral defensief in de directe omgeving van het nest. Een steek is pijnlijk en kan gevaarlijk zijn voor mensen met een allergie.
De Aziatische hoornaar is een invasieve exoot die ook in België voorkomt. Deze soort krijgt veel aandacht omdat ze jaagt op honingbijen en andere insecten.
De Aziatische hoornaar heeft een overwegend donker lichaam. Het borststuk is zwart, het achterlijf is grotendeels donker met een opvallende oranjegele band, en de poten zijn donker met gele uiteinden. Ze is meestal iets kleiner dan de Europese hoornaar, maar groter dan een gewone wesp.
Een bevruchte koningin overwintert en start in het voorjaar een primair nest op een beschutte plaats. Later in het seizoen kan de kolonie verhuizen of uitbreiden naar een groter secundair nest, vaak hoog in een boom of op een andere beschutte locatie.
In de nazomer en herfst worden nieuwe koninginnen en mannetjes geproduceerd. De kolonie sterft in de winter af; alleen bevruchte jonge koninginnen kunnen overwinteren en het volgende jaar nieuwe nesten starten.
Aziatische hoornaars jagen op insecten, waaronder honingbijen. Ze kunnen bijenkasten belagen door voor de kast te blijven hangen en terugkerende bijen te vangen.
Nesten kunnen groot zijn en bevinden zich vaak hoog in bomen, maar kunnen ook aan gebouwen of in struiken voorkomen. De soort is vooral defensief in de buurt van het nest. Bij vermoeden van een nest is professionele beoordeling aangewezen.
De honingbij is een sociale bij die in grote kolonies leeft. Ze is een belangrijke bestuiver en wordt vaak gehouden door imkers.
Honingbijen zijn bruin tot goudbruin en behaard. Ze zijn minder fel geel-zwart getekend dan wespen. Hun lichaam is compacter en behaarder, waardoor stuifmeel gemakkelijk blijft hangen.
Een honingbijenkolonie bestaat uit één koningin, veel werksters en in het seizoen ook darren. De koningin legt eieren, terwijl werksters instaan voor broedzorg, voedselverzameling, nestonderhoud en verdediging.
In het voorjaar of de vroege zomer kan een deel van de kolonie uitzwermen met een koningin. Zo ontstaat een nieuwe kolonie. In tegenstelling tot wespenkolonies overwintert bij honingbijen de volledige kolonie.
Honingbijen verzamelen nectar en stuifmeel. Ze bouwen verticale raten van was en kunnen nestelen in bijenkasten, holle bomen of soms in holtes van gebouwen.
Honingbijen steken meestal alleen wanneer ze zich bedreigd voelen of wanneer de kolonie wordt verstoord. Bij een bijenzwerm of nest is het aangewezen om een imker of gespecialiseerde dienst te contacteren.
Hommels zijn grote, sterk behaarde bijen. Ze zijn belangrijke bestuivers en worden vaak gezien op bloemen in tuinen, parken en landbouwgebieden.
Hommels hebben een stevig, rond en behaard lichaam. Veel soorten zijn zwart-geel getekend, soms met witte, oranje of roodachtige delen. De grootte varieert per soort en kaste.
Een jonge koningin overwintert op een beschutte plaats. In het voorjaar zoekt ze een nestplaats, bijvoorbeeld in een verlaten muizenhol, onder gras, in mos of in een holte. Ze legt eieren en brengt de eerste werksters groot. Later in het seizoen worden nieuwe koninginnen en mannetjes gevormd.
Aan het einde van het seizoen sterft de kolonie af. Alleen jonge bevruchte koninginnen overwinteren.
Hommels zijn doorgaans weinig agressief en steken alleen wanneer ze bedreigd of geklemd worden, of wanneer hun nest wordt verstoord. Ze zijn zeer efficiënte bestuivers en spelen een belangrijke rol in de biodiversiteit.
Solitaire bijen vormen geen grote kolonies zoals honingbijen of hommels. Elk vrouwtje maakt haar eigen nest en verzorgt haar eigen broedcellen.
Solitaire bijen zijn zeer divers. Sommige lijken op kleine honingbijen, andere zijn donkerder, metaalachtig glanzend of sterk behaard. Bekende groepen zijn onder meer metselbijen, zandbijen en behangersbijen.
Een vrouwtje legt eitjes in afzonderlijke broedcellen. Ze voorziet elke cel van een voorraad stuifmeel en nectar voor de larve. Afhankelijk van de soort nestelen solitaire bijen in holle stengels, gaatjes in hout, leem, zandbodems of metselwerk.
Veel soorten overwinteren als larve, pop of volwassen dier in het nest.
Solitaire bijen zwermen niet en verdedigen geen groot kolonie-nest. Ze steken zelden en vormen meestal geen risico voor mensen. Ze zijn zeer nuttig als bestuivers.
De gehoornde metselbij is een solitaire bij die in België voorkomt en vaak in tuinen wordt gezien, zeker waar nesthulpen of insectenhotels aanwezig zijn.
De gehoornde metselbij lijkt niet altijd sterk op een honingbij. Ze is meestal behaard, met een donkere kop en borststuk en een roodbruin achterlijf. Vrouwtjes hebben kleine hoorntjes op de kop, waaraan de soort haar naam dankt.
De vrouwtjes nestelen in bestaande holtes, zoals holle stengels, boorgaten in hout of nesthulpen. In elke broedcel leggen ze een eitje bij een voedselvoorraad van stuifmeel en nectar. De jonge bijen ontwikkelen zich in het nest en verschijnen meestal het volgende voorjaar.
Deze soort is een nuttige bestuiver en is niet agressief. Ze zwermt niet en veroorzaakt normaal geen overlast.
De blauwzwarte houtbij is een grote solitaire bij die in België steeds vaker wordt waargenomen. Ze moet niet verward worden met de Amerikaanse houtbij, Xylocopa virginica, die niet inheems is in België.
De blauwzwarte houtbij is groot en donker, met een zwart tot blauwzwart lichaam en vaak blauwachtig glanzende vleugels. Ze kan door haar formaat indrukwekkend lijken, maar is doorgaans niet agressief.
Het vrouwtje maakt nestgangen in dood, verweerd of zacht hout. Daarin legt ze eitjes in afzonderlijke broedcellen met een voedselvoorraad van nectar en stuifmeel. De ontwikkeling van ei tot volwassen bij duurt meerdere weken, afhankelijk van temperatuur en omstandigheden.
De blauwzwarte houtbij bezoekt bloemen voor nectar en stuifmeel. Ze gebruikt vooral dood of verweerd hout en vormt doorgaans geen groot structureel risico voor gebouwen. Vrouwtjes kunnen steken, maar doen dat zelden en meestal alleen wanneer ze worden vastgenomen of sterk bedreigd.
Een nest van sociale wespen of hoornaars kan risico’s veroorzaken wanneer het zich dicht bij mensen bevindt, bijvoorbeeld bij een woning, school, kantoor, horecazaak of magazijn. Verstoor een actief nest niet zelf. Wespen en hoornaars kunnen het nest verdedigen en herhaaldelijk steken.
Bijen, hommels en solitaire bijen zijn nuttige bestuivers. Ze vragen meestal geen bestrijding. Bij een bijenzwerm of vermoeden van een honingbijennest is het beter om een imker of gespecialiseerde dienst te contacteren. Hommelnesten en solitaire bijen kunnen vaak gewoon met rust gelaten worden als ze geen direct risico vormen.
Wespen in de buurt van huizen of horecaterrassen zijn vaak een echte plaag. Ze jagen mensen schrik aan en kunnen in sommige gevallen zelfs gevaarlijk zijn.